Tafel van 3 oefenen
De tafel van 3 voelt in het begin lastiger, omdat de antwoorden geen vast eindcijfer hebben. Met een paar steunsommen en een handig patroon in de cijfersom gaat het snel.
- 10 sommen
- Groep 4
- ☆☆☆
De tafel van 3 op een rij
| 1 × 3 | = | 3 |
| 2 × 3 | = | 6 |
| 3 × 3 | = | 9 |
| 4 × 3 | = | 12 |
| 5 × 3 | = | 15 |
| 6 × 3 | = | 18 |
| 7 × 3 | = | 21 |
| 8 × 3 | = | 24 |
| 9 × 3 | = | 27 |
| 10 × 3 | = | 30 |
Patronen in de tafel van 3
- De rij: 3, 6, 9, 12, 15, 18, 21, 24, 27, 30.
- Tel de cijfers van een antwoord op en je komt steeds uit op 3, 6 of 9: 2 + 7 = 9 bij 27, 1 + 8 = 9 bij 18, 2 + 4 = 6 bij 24.
- De antwoorden zijn om en om even en oneven: 3, 6, 9, 12, 15 ...
Truc: steunen op de tafel van 2
3 keer een getal is 2 keer dat getal plus nog één keer. Dus 7 × 3 = 7 × 2 + 7 = 14 + 7 = 21. Ook handig: 5 × 3 = 15 is een vast steunpunt in het midden. Van daaruit is 6 × 3 gewoon 15 + 3 = 18 en 4 × 3 is 15 - 3 = 12.
Waar moet je op letten?
Let extra op 7 × 3 = 21 en 8 × 3 = 24, en op 6 × 3 = 18 en 9 × 3 = 27: de antwoorden liggen dicht bij elkaar. Oefen die paren samen tot ze vlot gaan.
De deeltafel van 3
Bij de deeltafel van 3 vraag je: hoe vaak past 3 erin? 24 : 3 = 8, want 8 × 3 = 24. Kun je de tafel vlot opzeggen, dan zoek je in gedachten gewoon het antwoord op.
Oefen de deelsommen met de vorm Delen hierboven, of op de pagina deelsommen.
Deze tafel hoort bij tafels oefenen in groep 4.
Vragen over de tafel van 3
Hoe onthoud je de tafel van 3?
Gebruik steunsommen: 5 × 3 = 15 en 10 × 3 = 30. Van daaruit tel je 3 erbij of eraf. Of reken met de tafel van 2: 3 keer is 2 keer plus 1 keer.
Wat is 8 × 3?
8 × 3 = 24. Rekenen via de tafel van 2: 8 × 2 = 16, plus 8 is 24.
Klopt het dat de cijfers van de tafel van 3 altijd een drievoud vormen?
Ja. Tel je de cijfers van een antwoord op, dan is de uitkomst zelf ook deelbaar door 3: bij 27 is dat 2 + 7 = 9, bij 21 is het 3. Zo kun je een antwoord controleren.