De tafels van 1 tot 10

Alle tafels op een rij. Klik op een tafel om hem te oefenen met spelletjes, of oefen ze allemaal door elkaar.

Alle tafels van 1 tot 10

Tafel van 1

  1. 1 × 1 = 1
  2. 2 × 1 = 2
  3. 3 × 1 = 3
  4. 4 × 1 = 4
  5. 5 × 1 = 5
  6. 6 × 1 = 6
  7. 7 × 1 = 7
  8. 8 × 1 = 8
  9. 9 × 1 = 9
  10. 10 × 1 = 10

Tafel van 2

  1. 1 × 2 = 2
  2. 2 × 2 = 4
  3. 3 × 2 = 6
  4. 4 × 2 = 8
  5. 5 × 2 = 10
  6. 6 × 2 = 12
  7. 7 × 2 = 14
  8. 8 × 2 = 16
  9. 9 × 2 = 18
  10. 10 × 2 = 20

Tafel van 3

  1. 1 × 3 = 3
  2. 2 × 3 = 6
  3. 3 × 3 = 9
  4. 4 × 3 = 12
  5. 5 × 3 = 15
  6. 6 × 3 = 18
  7. 7 × 3 = 21
  8. 8 × 3 = 24
  9. 9 × 3 = 27
  10. 10 × 3 = 30

Tafel van 4

  1. 1 × 4 = 4
  2. 2 × 4 = 8
  3. 3 × 4 = 12
  4. 4 × 4 = 16
  5. 5 × 4 = 20
  6. 6 × 4 = 24
  7. 7 × 4 = 28
  8. 8 × 4 = 32
  9. 9 × 4 = 36
  10. 10 × 4 = 40

Tafel van 5

  1. 1 × 5 = 5
  2. 2 × 5 = 10
  3. 3 × 5 = 15
  4. 4 × 5 = 20
  5. 5 × 5 = 25
  6. 6 × 5 = 30
  7. 7 × 5 = 35
  8. 8 × 5 = 40
  9. 9 × 5 = 45
  10. 10 × 5 = 50

Tafel van 6

  1. 1 × 6 = 6
  2. 2 × 6 = 12
  3. 3 × 6 = 18
  4. 4 × 6 = 24
  5. 5 × 6 = 30
  6. 6 × 6 = 36
  7. 7 × 6 = 42
  8. 8 × 6 = 48
  9. 9 × 6 = 54
  10. 10 × 6 = 60

Tafel van 7

  1. 1 × 7 = 7
  2. 2 × 7 = 14
  3. 3 × 7 = 21
  4. 4 × 7 = 28
  5. 5 × 7 = 35
  6. 6 × 7 = 42
  7. 7 × 7 = 49
  8. 8 × 7 = 56
  9. 9 × 7 = 63
  10. 10 × 7 = 70

Tafel van 8

  1. 1 × 8 = 8
  2. 2 × 8 = 16
  3. 3 × 8 = 24
  4. 4 × 8 = 32
  5. 5 × 8 = 40
  6. 6 × 8 = 48
  7. 7 × 8 = 56
  8. 8 × 8 = 64
  9. 9 × 8 = 72
  10. 10 × 8 = 80

Tafel van 9

  1. 1 × 9 = 9
  2. 2 × 9 = 18
  3. 3 × 9 = 27
  4. 4 × 9 = 36
  5. 5 × 9 = 45
  6. 6 × 9 = 54
  7. 7 × 9 = 63
  8. 8 × 9 = 72
  9. 9 × 9 = 81
  10. 10 × 9 = 90

Tafel van 10

  1. 1 × 10 = 10
  2. 2 × 10 = 20
  3. 3 × 10 = 30
  4. 4 × 10 = 40
  5. 5 × 10 = 50
  6. 6 × 10 = 60
  7. 7 × 10 = 70
  8. 8 × 10 = 80
  9. 9 × 10 = 90
  10. 10 × 10 = 100

Minder leren dan je denkt

De tafels van 1 tot en met 10 zijn samen honderd sommen. Dat klinkt als veel, maar je mag elke som omdraaien: 3 × 8 is hetzelfde als 8 × 3. Daardoor zijn er 55 verschillende sommen. De tafels van 1 en 10 zie je meteen, en zonder die blijven er 36 sommen over die je echt moet leren.

Volgens de tussendoelen van SLO kennen kinderen aan het eind van groep 4 de tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10, en aan het eind van groep 5 alle tafels tot en met 10. Zie ook in welke volgorde je de tafels leert.

Veelgestelde vragen

Wat zijn de tafels van 1 tot 10?

De tafels van vermenigvuldiging: van 1 × 1 = 1 tot en met 10 × 10 = 100. Samen zijn het honderd sommen, maar omdat 3 × 7 hetzelfde is als 7 × 3 hoef je er veel minder echt apart te leren.

Hoeveel sommen moet je echt leren?

Van de honderd sommen zijn er 55 verschillend als je omdraaien meetelt (7 × 3 = 3 × 7). Laat je de tafels van 1 en 10 weg, die je direct ziet, dan blijven er 36 over.

Kan ik de tafels van 1 tot 10 printen?

Ja. Print de tafelkaart met alle tafels op één A4, of maak een werkblad met de werkbladgenerator.